Foto: Richard Havenaar

Column Nanda Roep: Boekenweek

  Column

Deze periode breng ik mijn dagen door tussen mensen die ik eerder nog niet kende. Als schrijfster ben ik te gast in schoolklassen, verspreid over de provincie.

De Kinderboekenweek is belangrijk omdat Nederlandse kinderen weinig plezier beleven aan lezen, ten opzichte van andere Europese landen. Mede hierdoor verlaat in Nederland gemiddeld 10% van de achtstegroepers de basisschool als laaggeletterde. Dat zijn alarmerende cijfers die steeds luider worden gedeeld.

Dus ja, wat doen wij schrijvers in de Kinderboekenweek? Wij reizen door het land om scholen te bezoeken en leesplezier te stimuleren. Als kinderen een schrijver hebben ontmoet, blijven ze vaak maandenlang enthousiast lezen, is uit onderzoek gebleken.

Soms komen schoolklassen hiervoor naar de bibliotheek en soms gaan schrijvers zelf de klassen in. Veel afspraken worden maanden van tevoren vastgelegd. Boeken worden uit verschillende bibliotheekfilialen verzameld en naar de klassen gebracht. Het is een groot logistiek traject voor bibliothecaressen en leesconsulenten.

En soms… is een bibliotheek het vergeten. Dat was nu het geval. Zo kwam het, dat ik het verzoek kreeg om op zeer korte termijn naar Elst te gaan, regio Overbetuwe (tussen Arnhem en Nijmegen). Ik stapte in de auto en reed een regenachtige ochtendspits in. De bibliothecaresse was blij, ik was blij, leerlingen waren blij – iedereen blij.

Opgelucht dronken we koffie. 'Als kind ging ik op schoolkamp naar Elst,' knikte ik. Zij antwoordde: 'Als kind woonde ik in Apeldoorn.' Al haar familie woont hier nog.

We bleken export en import te zijn! Het was, in de drukte, voor ons allebei even als thuiskomen. Tevreden grapten we dat deze lokale boekenweek maar mooi dankzij Apeldoorn was gered.

Meer berichten