Foto: Richard Havenaar

Column Nanda Roep: Leeftijd

  Column

De deadline voor deze editie van Het Stadsblad valt op mijn verjaardag. Dit jaar word ik achtenveertig. Ik herhaal: acht-en-veer-tig. Toen ik nog in Weesp woonde, had ik een buurvrouw die het 'dapper' noemde dat ik mijn leeftijd hardop zei. Tot mijn spijt leerde ik dat sommige mensen – kuch, vrouwen – zich voor hun jaren schamen als ze ouder worden.

Oók op mijn verjaardag dit jaar, heb ik een afspraak met een cardioloog in het Gelre Ziekenhuis. Voor de uitslag van een MRI-scan. Soms schrikken mensen als ik vertel dat ik leef met hartkloppingen, maar dat is niet nodig. Het is dit jaar éénendertig jaar geleden dat ik een hartoperatie onderging.

Ik was destijds zestien jaar. Als ik naar mijn kinderen kijk, realiseer ik me wat een druppie ik nog maar was. Toen ik ziek werd, was ik slechts vijftien en het duurde een jaar aan onderzoeken (dit was in de Betuwe) voordat artsen ontdekten dat het vanuit mijn hart kwam.

Het was de zomer van hét EK Voetbal en ik had een foto van Marco van Basten op mijn ziekenhuis-nachtkastje staan…

Mijn hele leven heb ik gedacht dat mijn hartkloppingen door gevoeligheid na de operatie waren ontstaan – want zo was het mij uitgelegd. Maar sinds dit jaar weet ik dat mijn hart werkelijk een afwijkende beweging maakt. Met het oog op de toekomst wilde de cardioloog een gedetailleerde scan.

De MRI-assistente begroette mij met de woorden: 'Mijn zoon heeft bij de jouwe op school gezeten.' Ik glimlachte omdat Apeldoorn dus ook in het ziekenhuis een dorp bleek. Het maakte dat ik me in veilige handen voelde. Een dorp, waar ik deze week maar liefst acht-en-veer-tig jaar mocht worden.

Meer berichten