Foto: Richard Havenaar

Column Nanda Roep: Wild

  Column

Ik heb er veertien jaar op moeten wachten, maar nu is het eindelijk gebeurd. Mensen zeiden al vóór onze verhuizing dat je hier 's nachts loslopend wild kon tegenkomen. Silvester, die vaak rond middernacht onderweg is, beweert dat hij inderdaad geregeld dieren ziet. Maar mevrouw de schrijfster, ik, die heus vaak meereist, zag er nooit een.

Tot nu.

We zaten na de theaterpremière van een collega 's avonds laat vanuit Amsterdam in de auto. We namen de afslag Kootwijk en reden gemoedelijk naar huis. Ter hoogte van Rabbit Hill keek ik dromerig uit het raam.

Daar stonden ze gewoon in de berm. Twee edelhertjes, twéé. Het moeten hindes zijn geweest, want ze hadden geen gewei. Witte staartpuntjes staken omhoog. Het linkerhert stapte in alle kalmte terug de begroeiing in, terwijl de rechter nog even wachtte op haar beurt. Alles leek in slow motion te gebeuren, want ik kon het tafereel rustig in me opnemen terwijl Silvester ze bijvoorbeeld niet eens heeft gezien.

De hele Amersfoortse weg babbelde ik intens tevreden over deze ervaring. Nu had ik eindelijk zelf gezien wat iedereen al die jaren beweert.

Maar toen stond er ineens een vosje op de weg. Ter hoogte van De Echoput was hij er plots. Hij twijfelde om vlak voor onze auto over te steken en ik gilde zo hard 'Niet doen!' dat Silvester er oorpijn aan overhield. Gelukkig deinsde de vos terug en bleef hij langs de weg staan tot we voorbij waren.

In één nacht was het twee keer raak. Hertjes en een vos. Wat een beleving. Opgelucht besloot ik dat het maar veiliger was ze zich niet zo vaak laten zien.

Meer berichten