Foto: Richard Havenaar

Column Nanda Roep: Bunker

  Column

Mijn zoon moest onder schooltijd een fietstocht doen, maar ineens stond hij voor de deur met zijn klasgenootjes. 'Heb je koekjes?' Het bleek om een speurtocht te gaan die vlak langs ons ging. Ik herkende de tieners en ik gaf ze gauw speculaasjes. Ondertussen las ik de aanwijzingen.

Het duurde even voordat ik kon ontcijferen waar ze vandaan kwamen (de synagoge) en waar ze naartoe moesten (het Verzetstrijderspark). 'Jullie hebben de route langs de Loolaan afgesneden,' ontcijferde ik.

We dachten dat het zou gaan om een bezoek aan het beeld van de Man met de Twee Hoeden, maar er stond tussen haakjes: bunker. 'Is daar een bunker?' Die hadden we nooit gezien.

De tieners zouden erheen fietsen. Zelf liep ik naar mijn computer en surfte naar Google. Ik las dat er inderdaad een bunker uit de Tweede Wereldoorlog is overgebleven aan de Loolaan. Gebouwd door nazibaas Seyss-Inquart.

Toen ik die naam las, was ik ineens weer zelf een veertienjarige scholiere. Ik zag de kolommen van mijn boek voor me en zelfs mijn vroegere geschiedenisleraar. Voor het eerst ging het niet om de verzetsgeschiedenis, nee, dit was een hooggeplaatste oorlogsmisdadiger. In Apeldoorn!

Met ontzetting surfte ik langs de online-geschiedenislessen.

Hoe de Rijkscommissaris van Nederland, Seyss-Inquart, aan de Loolaan een commandobunker liet bouwen en een witte villa als kantoor gebruikte. De huidige makelaardij, vlak achter de bushalte...

Op de Open Monumentendag kun je de bunker betreden en dat willen we zeker doen. Wat goed, dacht ik, dat de Apeldoornse jeugd zoveel leert over de 'eigen' geschiedenis van de stad. Dat is voor een import-Apeldoorner ook interessant, zeker met zo'n frisse speurtocht en speculaasjes erbij.

Meer berichten