Foto: Richard Havenaar

Column Nanda Roep: Weesp

  Column

Met mijn zoon wandelde ik door Weesp, op weg naar een try out van zijn vaders nieuwe voorstelling.

Voordat we import-Apeldoorners werden, waren we Weesper Moppen en onze kinderen zijn in die periode geboren. Enthousiast besloot ik dat ik nu mijn zoon kon laten zien waar zijn geboortehuis staat. 'Dat weet ik allang,' zei hij, maar hij wandelde toch mee.

Eenmaal bij de woning aangekomen, haalde mijn zoon herinneringen op aan de vorige keer dat we er hadden gestaan: 'Toen hebben we nog aangebeld maar er deed niemand open.'

Dit keer besloten we dat we niet hoefden aan te bellen. Tenslotte was hij pas zes weken oud toen we er vertrokken, alweer bijna veertien jaar geleden. Hij voelt zich Apeldoorner. 'Hier zat de kinderboekwinkel,' wees ik aan, 'en hier kocht ik toen mijn kleren.'

Ik wilde met hem eten in ons vroegere favoriete restaurant, dat ik nog altijd liefkozend 'de boompjes' noem. Binnen staan namelijk meerdere bomen opgesteld, dat vond ik altijd zo leuk gedaan. Maar mijn zoon hoefde er niet te eten.

Met een tasje van de toko wandelden we naar Het Theaterpand. Langs de woningen waarover we destijds hebben getwijfeld om die te kopen; met een terras aan het water. Nou ja, zei mijn zoon toegeeflijk, als hij zo was opgegroeid, was hij daar misschien wel aan gewend geraakt.

In het theater omhelsden we onze vroegere buren. Zij werkten toen ook geregeld vanuit huis en onze oudste speelde graag met hun kinderen. Samen brachten we het verleden weer even tot leven, terwijl de kinderen glimlachend wachtten tot onze glazen leeg waren.

Meer berichten