Foto: Richard Havenaar

Column Nanda Roep: Duif

  Column

Wij hadden een niet zo snuggere duif voor de deur. Die vloog ineens op uit het bolboompje voor ons huis. Het ging snel, met flink geraas en ik dacht: was dat een duif?!

Hij was veel te groot voor de takken, eentje was dan ook afgebroken. Wat een onlogische plek voor zo'n dier - en rook hij dan niet dat er geregeld katten in dat boompje klimmen?

Maar de volgende dag zat hij er weer. Dit keer bovenop onze auto, met een twijg in zijn snavel. 'Die duif bouwt hier een nestje,' knikte ik. We verkozen het met afstand tot de slechtste plek om een nest te bouwen.

De volgende ochtend kwam Silvester de woonkamer in met de mededeling dat hij treurig nieuws had. Hij nam ons mee naar buiten: een kapot gevallen ei op de stoep. Verrek, de duif had er écht een nest! Nu we beter keken, zagen we haar er ook op zitten.

We besloten dat ze onze hulp nodig had. We knipten kippengaas af en rolden het om de boomstam. De onderkant vouwden we uit tot een lampenkap, zodat katten er niet langs konden. Al die tijd bleef de duif onverstoorbaar zitten. Ik vroeg me al af hoe dat straks met de pasgeboren duivenkuikentjes zou moeten.

Maar ineens was ze weg. Ik beschuldigde Silvester ervan dat hij de duif vast had weggejaagd, maar nee, tijdens het kippengaas-vouwen was ze blijven zitten. Nu moest ze wel snel terugkomen, anders zouden de eieren afkoelen. Het begon te regenen...

De volgende dag hebben we er een trappetje bij gehaald. Het nest was inderdaad leeg. Dat ene ei was haar enige geweest; een lentedrama voor onze deur. Ik mis onze duif.

Meer berichten