Foto: Richard Havenaar
Column Nanda Roep

Rijkscommissaris

  Column

Aanstaande zaterdag is het 76 jaar geleden dat Apeldoorn werd bevrijd van de Duitse overheersing. Het is tegelijkertijd pas twee jaar geleden dat ik, als import-Apeldoorner zijnde, ontdekte dat Seyss-Inquart dichtbij zijn hoofdkwartier hield*.

Om de hoek aan de Loolaan! De bunker die hij voor zichzelf liet bouwen, is er nog zichtbaar!

Sindsdien spookt het met regelmaat door mijn gedachten. De lijfelijke nabijheid van de nazibaas... Dat moet een impact op de Apeldoorners hebben gehad die niet zomaar na te voelen is, al heb je nog zo’n grote fantasie.

Wie weet het?

Naast alle ontberingen en gruwelijkheden die de oorlog met zich meebracht, kon je Seyss-Inquart letterlijk tegen het manke lijf lopen. Dat is sommigen vast weleens overkomen. Maakte hij ommetjes in de buurt en zo ja, hoe reageerden mensen daarop? Zou je onderduikers durven plaatsen onder de neus – letterlijk – van de Rijkscommissaris?

Ik besloot het mijn buren te vragen. Zij zijn rond de zeventig jaar, zij zijn Apeldoorners en ze weten het misschien. We spreken elkaar bijna dagelijks, kort, even op de stoep. Afgelopen week zwaaide hij met een bloemetje, omdat zijn vrouw en hij meer dan veertig jaar getrouwd waren.

Maar nu ik deze vraag wilde stellen, bleef de stoep natuurlijk leeg. Sowieso was het waterkoud, we bleven allemaal liever binnen. Maar ik weet dat mijn buren trouwe lezers van deze column zijn, dus binnenkort krijg ik ongetwijfeld antwoord. Wat deed het met de mens om de nazibaas om de hóék te hebben?

Misschien weet u het, lezer? Hoe zag het dagelijkse leven eruit in een straal van pakweg twee kilometer rond de nazibaas... Er zijn vast mensen die het weten.

* Apeldoorns Stadsblad #7, 2019

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden