Bestuurlijke samenwerking Veluwse Onderwijsgroep en AVOO

APELDOORN – Met ingang van 1 januari 2019 maakt de stichting Apeldoorns Voortgezet Openbaar Onderwijs (AVOO) deel uit van de Veluwse Onderwijsgroep. Met deze stap kiezen beide onderwijsbesturen ervoor om samen te werken aan een toekomstbestendige inrichting van het voortgezet onderwijs in Apeldoorn. 

Sinds begin van dit jaar spraken de beide schoolbesturen met elkaar over een mogelijke samenwerking. Gedurende het jaar zijn de verschillende medezeggenschapsraden en raden van toezicht meegenomen in deze gesprekken. Op 6 december jongstleden heeft de gemeenteraad van de gemeente Apeldoorn ingestemd met de wijziging van de statuten van AVOO en haar vertrouwen uitgesproken in een samenwerking met de Veluwse Onderwijsgroep. Dat betekent dat het Edison College, Koninklijke Scholengemeenschap en het Gymnasium Apeldoorn op 1 januari deel uit gaan maken van de Veluwse Onderwijsgroep.

"Door deze bestuurlijke samenwerking zijn wij beter in staat om ontwikkelingen als leerlingenkrimp en het lerarentekort het hoofd te bieden," licht Arjan Kastelein, bestuurder a.i. stichting AVOO toe. "Onze samenwerking is erop gericht dat wij leerlingen nu en in de toekomst goed onderwijs, passend bij hun ontwikkeling, kunnen bieden."

Personele unie
De stichting AVOO wordt onderdeel van de personele unie van de Veluwse Onderwijsgroep. De personele unie is een samenwerkingsvorm waarbij verschillende onderwijsstichtingen onder verantwoordelijkheid van één bestuur vallen, zoals dat nu bij de Veluwse Onderwijsgroep al het geval is.

De komende tijd zal er voor leerlingen en medewerkers van AVOO en de Veluwse Onderwijsgroep niets veranderen. Zij kunnen blijven rekening op onderwijs zoals zij dat gewend zijn. Wel gaan de scholen met elkaar onderzoeken op welke onderwerpen ze samen kunnen werken. "Daarbij staat voorop dat jongeren in Apeldoorn moeten kunnen blijven kiezen uit een breed onderwijsaanbod passend bij hun achtergrond, talenten, ambitie en ontwikkeling. We kijken met vertrouwen naar de samenwerking." aldus Wim Hoetmer.  
 

Meer berichten