Eigen foto

Meer inzicht in aantal beekprikken

APELDOORN - Om een beter beeld te krijgen over het aantal beekprikken in de sprengen en beken in de gemeente Apeldoorn, telt de werkgroep Sprengen & Beken van de KNNV dit jaar voor het eerst de larven van het visje.

De vereniging voor veldbiologie kijkt naar het waterleven. "Zo tellen we de beekprikken, een zeldzaam en beschermd, aalachtig visje van maximaal 15 centimeter." De meeste sprengen wateren na het beekherstel van de afgelopen 15 jaar af op de Grift. "Er is als het ware één systeem ontstaan, waardoor waterdieren van de ene naar de andere spreng kunnen verhuizen. Dit heeft in principe een gunstige uitwerking op het aantal beekprikken." Die visjes verblijven een groot deel van hun leven in de modder van de beek. "Eenmaal volwassen komen ze in het voorjaar tevoorschijn om paaikuilen te maken om daarin voor nageslacht te zorgen. Dan tellen we ze." Er is nu een methode ontwikkeld om larven uit de modder te halen, te tellen, te meten en terug te zetten. "Zo hopen we een beter inzicht te krijgen in de ontwikkeling van de totale stand van de beekprikken."

Meer berichten